Mijn goede voornemens voor volgend jaar:
- Sporten
- Meer gitaar spelen
- Goed plannen
- Altijd m'n huiswerk maken
- Goede cijfers halen
- Heel lief zijn tegen iedereen
- Gezond eten
- Vaker m'n kamer op ruimen én schoonmaken
- Werk zoeken
- Op tijd slapen (zelfs als Maikel blijft slapen)
- Minder verlegen zijn
Hoeveel mensen zullen zich trouwens het hele jaar aan hun voornemens houden? Ik geloof zelf niet eens dat ik ook maar één ding van m'n lijstje een jaar lang volhoud. Maar het gaat om het idee, denk ik. Ik heb zoiets van: het kan altijd nog. Carpe diem!
In ieder geval: een gelukkig nieuw jaar! :-)
12.30.2007
2008
Gepost door Elaine op 18:38 0 reacties
12.08.2007
Rijmpjes
Een lief klein snoezig meisje, is het cadeau voor Wess
Helaas kreeg ik hiermee problemen, met mensen van de crèche
Dus zoek zelf een kansarm meisje, verslaafde of een wees
Of pik een dertienjarige, op uit de Happy Days
Jim is een slimme jongen, die veel formules kent
Ja, zwoegend aan zijn huiswerk, is-ie in z’n element
Niks is meer een raadsel, van cosinus tot pi
Maar echte mannen hebben, gewoon economie
Een groot en krachtig visser, maar dan in handformaat
Is altijd fijne David, totdat je op hem staat.
Want vechten tegen David, is nogal ongezond
met zijn judotrucs lig je in no-time op de grond
Dan hebben we nog Max, ook zo’n wonderkind
Dat mikken op een mandje, echt het einde vind.
Zeg Max, je weet toch zellef, dat de sport, nergens op slaat.
Maar daarna gemengd douchen, das waar het jou om gaat.
Thijs heeft een hele dure, investering gedaan.
Heeft al zijn moed verzameld en is voor een meid gegaan
Of Kelly nou meer waard wordt, is niet waar Thijs om maalt.
Zolang Kelly hem maar in, natura uitbetaald.
Dorien, ik en de atlas, hebben graag het argument:
“Wie het meest nadelen van andermans dorp kent”
De kwestie Wormer-Assendelft, wordt nooit door ons vermeden
Maar leg ze beide eens naast Jisp, dan zijn het wereldsteden.
Na The Island vonden, *rust* Linette en Elaine
Jordan x-two-delta, verpesting van de scène
Wessel daarentegen, vond dit onzin allemaal.
Dit wordt straks nog oorlog, ik blijf liever neutraal.
Dees is voor onze “Drama Queen”, nee dat is flauwekul.
Ik ken je nu wel beter, na onze “Paid in full”.
Maar op je blog vertel je, je visie op het leven.
Misschien moet je eens zeggen, wat je hebt geschreven.
Je rijmpjes, anekdotes, al zijn ze niet van jou
Zijn zeer leuk om te lezen, en vaak waarheidsgetrouw
Deel ze eens met mensen, geef ze je mening ongezout
Want zwijgen vind ik zilver, en spreken dat is goud
- Tycho
Gepost door Elaine op 13:56 1 reacties
10.28.2007
Last van schizofrenie ofzo
Ik kan soms van een hele gewone situatie een soap maken, iets opblazen of iets per ongeluk door vertellen. Dan draait het in ene, dankzij mij, om iemand die het helemaal niet wilt.
En de volgende dag krijg ik weer te horen dat ik meer uit mijn schulp moet komen, minder verlegen moet zijn, harder moet praten, mensen aanspreken...
Whateverdepeverkeverbladieverblabla.
Gepost door Elaine op 19:03 0 reacties
9.27.2007
Raadsels
- Als je mij eten geeft wordt ik groter, maar als je mij drinken geeft ga ik dood. Wat ben ik?
- Twee vaders en twee zoons gaan een dagje vissen. Ze vangen ieder één vis, maar ze komen met drie vissen thuis. Hoe kan dat? (Nee, ze hebben er niet één onderweg opgegeten, ofzo.)
Gepost door Elaine op 10:54 1 reacties
8.28.2007
Ready? Go!
Zo verliep mijn eerste schoolweek in de vijfde
Zondag
En toen was het de laatste dag van de vakantie.
Aan de ene kant lijkt het eeuwen geleden dat we naar Buitenkunst zijn geweest, maar aan de andere kant vloog de vakantie voorbij. Maandag zouden we weer naar school moeten na zeven weken vakantie. Maar om deze laatste vrije dag te vieren kwamen er wat mensen en hebben we er een gezellige avond van gemaakt.
Maandag
Dinsdag
Al vanaf gisteravond in de stress: vandaag worden de schoolfoto's gemaakt. Wat moet ik aan? Waar is m'n rok? Hoe moet je strijken? Bijna een uur te vroeg (waarschijnlijk door de zenuwen) van huis weggegaan. Saai praatje aangehoord zoals elk jaar van mvr. van Eerden. Het leuke nieuws kwam van mr. Auerbach dat de mentoren waren veranderd. Ik heb nu mijn tekendocente als mentor, yay. Mijn mentorklas bestaat uit 10 leerlingen, maar wel oké. Klassenfoto gemaakt (dat viel nog mee) en daarna de pasfoto op mijn hippiest gekleed. Ik had tenminste geen staartjes in zoals in de eerste, de tweede pasfoto is uit mijn geheugen verdwenen, in de derde zat ik nog niet en de vierde kregen de spiertjes in mijn gezicht een epilepsieaanval. Erger dan dat kan ie in ieder geval niet zijn.
Woensdag
Half zeven ging de wekker, ik kwam er om half acht uit. Tot mijn verbazing had ik zelfs tijd over om tv te kijken, ondanks het (voor mij) heel vroeg was. Half negen begon dan onze eerste les: scheikunde van Molanus. De enige persoon die ik nou liever niet op mijn eerste schooldag had willen zien. Daarna een tussenuur... 60 minuten is heel lang als je echt niets te doen hebt. Daarna ook nog eens 20 minuten pauze, gelukkig had David toen ook pauze. Daarna ckv van een nieuwe docente. Ze is heel aardig, gelukkig. Daarna gym met alle vwo-5 klassen. Softball met een stelletje rare mensen gespeelt. En daarna was ik uit! De rest had nog 1 of 2 uren.
Ik ben toen met mijn moeder naar de stad gegaan om gaatjes (in m'n oren) te laten prikken. Sinds een tijdje moet je onder de 18 toestemming van je ouders daarvoor hebben, die dus ook mee moeten. Mijn volgende ding op mijn lijstje was bij de Tuinen vragen of daar nog kon werken. Ik was bijna als enige niet doorgekrast in het sollicitatieschriftje. I guess that's a good thing. Maar daar zou ik later over teruggebeld worden. En het laatste ding van mijn lijstje was een tekenmap, yay. A3-formaat mèt strikjes. ^^
Toen ik weer thuis was, nadat m'n moeder nog alle schoenenwinkels in was geweest en bij de Xenos en een plantenwinkel inkopen had gedaan, ging m'n mobiel. Het was de moeder van mijn oppaskindje of ik kon komen oppassen voor twee uurtjes. Ik moet toch maar eens een keer mijn voicemail gaan luisteren. Stijn wilde vandaag niet slapen en spuugde op m'n shirt (klein beetje maar). Het was een dag vol vernieuwing, dacht ik zo.
Donderdag
Pas om half 10 beginnen met biologie. Daar hebben we ook een nieuwe leraar voor, hij is wel aardig. Omdat het opdrachtenboek nog niet binnen was, konden we helaas geen huiswerk maken. Daarna weer een saai tussenuur gevolgd door wiskunde. Die mevrouw had ik nog nooit gehad en dat vond ik ook niet erg. Ze begon zich voor te stellen en vertelde over haar kleinkinderen en weet ik het wat allemaal. De les was verder heel saai, vooral omdat ik naast niemand zit. In de pauze sloeg iemand nog een barst in een raam en toen de bel ging drongen we weer door de gangen naar het lokaal. Bij het laatste uur (mentoruur) nieuwe regels te horen gekregen over te laat komen en iets met leerplichtambtenaren ofzo. Dit uurtje duurde maar een half uur en mochten we eerder weg.
Vrijdag
Lange dag... tenminste, de langste tot nu toe. Bio, wiskunde, tussenuur, nederlands, natuurkunde en engels. Vooral het laatste uur duurde heel lang. Na drie kwartier heb je wel het gevoel alsof de les voorbij is, maar dan moet je nog een kwartier. Nederlands heb ik dit jaar van mevrouw Honingh, die ik vorig jaar voor ckv had. Aangezien ik niet verder kom met m'n verhaal heb ik gevraagd of zij het wilt lezen en dat wilde ze. Ben erg benieuwd wat ze ervan vindt. Natuurkunde wordt weer gegeven over meneer van Dalen, die bijna z'n lerarenopleiding heeft afgerond. Hij vertelde over zijn parachutespringavontuur (z'n vriendin had hem overgehaald).
Maandag
Ja, een week bestaat uit zeven dagen, maar ik sla er voor mijn gemak even twee over. Maandag, wat was er toen ook al weer gebeurd? Niet veel... Engels, natuurkunde, scheikunde en nederlands gehad. Ik heb in ieder geval mijn verhaal aan mevrouw Honingh gegeven. O ja, ik werd gebeld door de Tuinen dat ik op woensdag mag komen werken, yay. Dus vanaf volgende week pak ik spullen uit in de Tuinen, hehe.
Dinsdag
Bijna klaar. Vandaag écht de langste dag: van half 10 tot half 5, zonder tussenuren. De eerste les levensbeschouwing gehad. We moesten meteen een discussie gehouden over het genenpasje. Dat is een pasje waarop alle risico's op erfelijke aandoeningen staat, bijv. 5% kans op darmkanker over 10 jaar. De vraag was of het etisch juist is om zo'n pasje verplicht te stellen bij sollicitaties. Inmiddels de derde les wiskunde gehad, waar ik op drie verschillende plekken heb gezeten. En wat wel leuk was, was onze eerste tekenles. Dit jaar gaan we met verschillende materialen werken. We begonnen met houtskool, dat we moesten uitvegen met een duivenvleugel, brrr. Volgende week gaan we een vanitas-stilleven maken.
Vanitas is een soort stilleven. Met bijvoorbeeld schedels, gedoofde kaarsen, verwelkte bloemen, vergane boeken, muziekinstrumenten, klokken of omgevallen glazen wordt de ijdelheid en zinloosheid van het aardse bezit gevisualiseerd. Vooral in Nederland en Vlaanderen werd deze schilderstijl beoefend.Het is wel christelijk enzo, maar wel leuk om een keer te proberen.Het woord vanitas komt uit het Latijn en betekent ijdelheid en vruchteloosheid.
Met een vanitasschilderij wil de kunstschilder de boodschap overbrengen dat het plezier van het leven slechts een moment duurt. Omdat de tijd beperkt is, zou men dan ook ten volle van het huidige moment moeten genieten. De symboliek van een schedel of rottend fruit verwijzen naar de sterfelijkheid. Muziekinstrumenten laten de vluchtigheid van muziek zien, juist muziek heeft sterk een begin en een einde.
En dat was dinsdag. Dit was alweer mijn eerste schoolweek in de 5e klas. Voor de havo-ers het laatste jaar. Gelukkig mogen wij hierna nog een jaartje blokken. Binnenkort komen er weer toetsen, leerlingenvergaderingen en praktische opdrachten. Mocht er iets bijzonders gebeuren, hou ik je wel op de hoogte. Zie je op school! ;-)
Gepost door Elaine op 12:28 0 reacties
8.18.2007
Schotland 2007

Om half vier ’s middags vertrokken we met een volle auto van huis. Achterin zat ik volgebouwd met een pak drinken en een zak snoepjes op m’n schoot. In vergelijking met de vorige keren dat ik naar Engeland ging, stapten we nu in Ijmuiden op, dat scheelde zo’n vijf en een half uur rijden denk ik. Aangekomen op de boot, pardon, schip ‘The Princess of Norway’ uit KØbenhaven (Kopenhagen is volgens mij toch echt de hoofdstad van Denemarken) parkeerden we auto op autodek 5 toen deze verdieping omhooggehezen werd. In de aankomsthal vroeg een man in een papegaaienpak: ‘Where is your smile? Your smile’s gone!’ We vluchtten snel naar buiten op het dek. Daar zat een hele dikke meeuw te bedelen bij twee Duitsers, The flying Banjer. We zouden vertrekken zodra de vijftien of vijftig (dat verstond ik niet) missende auto’s aan boord waren.Het waaide hard toen het schip draaide om de haven uit te varen en we besloten iets te gaan eten. Dat werd een hamburger, patat en voor mij een tonijnsalade. Daarna hebben we even op het overdekte buitenterras naar de ondergaande zon gekeken.
Daarna nog een drankje (Bailey’s, yay!) gedronken in de Navigatorsbar waar een man gitaar zat te spelen. Een (dronken) Duitser gaf hem geld en haalde een biertje uit zijn binnenzak. Verrast keek de gitarist op en zei: ‘How the fuck did you do that?!’
Ik ben even later naar onze hut gegaan en gaan slapen. Heel gaaf, als je het kaartje in dat ding stopt zodat de deur van je hut opengaat, hoor je zo’n Star Trek geluidje.
‘Op een zonnige zondagavond heb ik de zon in de Noorderzee zien zakken.’
Door windstoten en technische problemen hadden we vertraging van een paar uur. Ik vond het niet zo heel erg, kon ik nog even uitslapen en er was gratis cake en thee. We waren al snel in de haven van Newcastle en na enig speurwerk vonden we de auto terug. Van Newcastle reden we naar een klein dorpje Bellingham. Daar hadden we een korte stop gemaakt om te plassen en cheese scones gekocht (zit net tussen cake en brood in). Verder was het wel een stuk rijden, maar we waren wel al in Schotland! Op de grens was een uitkijkpunt, waar we ook nog even waren gestopt.In Schotland werden we na elke bocht weer verrast door het prachtige uitzicht. De TomTom leidde ons naar Tibbie Sheils Inn, een klein hotel gerund door Mrs. Jill Brown. Wij mochten op het landje naast het hotel kamperen. Zo’n vijftig meter hiervan lopen lag het St. Mary’s Loch, waar gevist kan worden.
Volgegeten met boerenkool (uit een pakje) vluchtte ik naar mijn tent voor de kleine vliegjes. M’n ouders hadden nog een wandelingetje gemaakt en daarna zijn René en ik nog iets gaan drinken bij Mrs. Brown. Ik was blij toen het elf uur was en de bar ging sluiten; de oude vrouw vertelde eindeloze verhalen over haar vakanties, het hotel en scoutingkinderen. Na een sterke kop thee en een halve pint Guinness ging ik naar bed.
Om ongeveer negen uur werd ik wakker. Het was bloedheet in mijn tent, dat betekende dat de zon scheen. Ontbeten, tanden gepoetst en voor de tweede keer deze morgen naar het kleine, vieze wctje. Ik deed m’n broek dicht en schrok me helemaal te pletter. Drie of vier straaljagers kwamen heel laag overvliegen en dat maakt echt heel veel kabaal. Ik hield letterlijk m’n armen over mijn hoofd van schrik en trillend als een rietje kwam ik de wc uit en zag m’n ouders naar de lucht kijken.
We reden een stukje terug naar het toeristische stadje Melrose en gingen daar onze eerste wandeling maken over de Eildon Hills. Een legende zegt dat deze bergen zijn gevormd door bovennatuurlijke krachten toen Michael Scott, een tovenaar, werd bevolen door de duivel de enigste Eildon berg te splitsen tot drie aparte bergen. De geologische verklaring hiervoor is dat de bergen overblijfselen zijn van vulkanische lavastromen. De Eildon Hills worden ook wel de The Hills of Elfland genoemd. Dat heeft iets te maken met Thomas Learmont: een man die in de 13e eeuw leefde en met de Elfenkoningin mee ging voor zeven jaar naar het Elfenland. In ‘werkelijkheid’ waren dit zeven dagen.Anyway, ik was als eerste (al hijgend) op de top van zo’n 400 meter en het uitzicht was erg mooi. Ik weet niet wat zwaarder: de beklimming of de afdaling. Voor het klimmen heb je een goed uithoudingsvermogen nodig, maar voor de afdaling sterke beenspieren.
We hadden ruim drie uur gewandeld en daarna een pint gedronken in Melrose. Boodschappen gedaan en weer terug rijden naar ons campingplekje. Op de weg daarna toe lagen zestien geplette beesten op de weg en m’n moeder en ik werden misselijk, omdat René zo hard reed op de kronkelige, hobbelende weg. Voor het eten zat ik nog even op de steiger aan St. Mary’s Loch en heb ik wat geschreven. Het water was heel helder. De regenboogforel en zalm waren heerlijk en daarna ons laatste drankje gedronken bij Mrs. Brown.
Het motregende toen ik de rits van m’n tent opendeed. Dat werd met regen de tent afbreken. Na het ontbijt de auto ingeladen en gingen we naar onze volgende bestemming. We reden tussen metershoge bergen, waar watervalletjes naar beneden stroomden en schapen liepen te grazen. Het was een mooi gezicht hoe de wolken zo laag hingen. Maar de weg was weer hobbelig en ik werd na een kwartier al misselijk. Van Mrs. Brown had ik een krant gekregen om op te zitten: dat zou helpen tegen wagenziekte. Ik heb in ieder geval niet gekotst…
We zijn twee keer gestopt en bij de tweede stop kon ik gratis tien minuten op internet. We hadden daar ook de
camping ‘Lazy Duck’ gebeld, maar er nam niemand op. Na in totaal vijf uur rijden kwamen we op de camping aan. Het zag er leuk uit en overal liepen jonge eenden rond. Helaas waren de vier campingplaatsen bezet en moesten we naar een camping in Aviemore. Daar heen gereden, maar daar was het ook vol en moesten we nóg verder rijden (ik was alweer misselijk). Uiteindelijk kwamen we bij de laatste camping in Rothiemurchus. Alsof het niet slechter kon hing daar ook een bordje met ‘Sorry, park full’ ofzoiets. Toch maar even gaan vragen en gelukkig mochten we kijken of er nog ergens een plaatsje vrij was. We vonden een plekje naast een stromend riviertje tussen allemaal andere tenten. Maarja, we hebben een slaapplek en voor mij (op het moment) heel belangrijk: douches! Ik had sinds zondag al niet meer gedoucht… Tortilla’s met vegetarische tacomix gegeten, waar ik buikpijn van kreeg. Onze wandeling van de volgende dag lag bijna op loopafstand. We hadden nog best mazzel, het weer is hier in ieder geval beter.
Toen ik wakker werd scheen de zon, maar die was al snel weg. Ik moest wachten op m’n moeder om naar de wc te gaan, ze had het pasje meegenomen waarmee je het wcblok binnenkomt. Ontbeten, gepoit en om twaalf uur vertrokken we.Het was een wandeling rond Loch an Eilein, waar het restant van een 600 jaar oud kasteel staat. Het meer was mooi, maar de wandeling was een beetje saai en erg druk bezocht. Ik heb ongeveer twintig keer mensen gedag moeten zeggen. Ik had er op het laatst maar een ‘tree-spotting-trip’ van gemaakt. Er stonden hele oude bomen, kale bomen, omgevallen bomen, begroeide bomen, bomen met knobbels, misvormde bomen en ga zo maar door. Boodschappen gedaan in Aviemore en een pint gedronken (m’n ouders dan). Ook hebben we het boek CoolCamping aangeschaft. Nu kunnen we eerst bellen voordat we erheen rijden. Lokale kazen geproefd en voor het slapen gaan nog geschreven.
Beetje regen en koud, niet bepaald fijn weer. M’n ouders hebben de route door Schotland herzien, omdat we erg zouden omrijden als we naar het festival met de Peatbog Faeries zouden gaan (waarschijnlijk konden we toch geen kaartjes kunnen krijgen). Dat gaat dus niet door.
Onze derde wandeling was een easy hill walk over de Wisky Hill, Ben Rinnes. In de omgeving waren veel whisky distilleerderijen en m’n ouders vonden het een erg lachwekkend idee dat als je daar iets in de rivier de Spey gooit, je het later in je whisky vindt (ja vast…).
Het pad ging alleen maar omhoog tot we op één van de bergtoppen waren: Round Hill van 411 meter hoog, Roy’s Hill van 535 meter hoog en de laatste Scurran of Lochterlandoch van maar liefst 840 meter hoog. Alweer was ik als eerste op de top, high van het lopen. Het voelde alsof ik in een film speelde, zo onwerkelijk leek het. Stapje voor stapje, uitgeput. Zo’n beetje als Sam en Frodo op Mount Doom, maar dan alleen, iets minder dramatisch, kouder en bovendien had ik een blikje energy drink op.Ik verdween tussen de wolken en bleef doorlopen tot het pad ophield en ik op stenen klom. Het waaide stevig en ik kon niet verder dan een paar meter kijken door de wolken. Bovenop de stenen stond een witte vierkante steen: de top. Ik ging tegen de steen aanzitten en vond het wel een SMS naar Limburg waard. Ik had mijn ouders achter mij gelaten, maar even later riep René mij. M’n moeder wachtte zo’n twintig meter beneden op ons. De afdaling was moeilijk: ik werd bijna weggeblazen door de toegenomen windstoten van 27 m/s en m’n knieën gingen pijn doen. Voor de tweede keer wildplassen en na tien minuten op m’n moeder wachten, stapten we doodmoe weer de auto in. Onderweg heb ik een eekhoorn, ontelbaar veel konijnen, roofvogels en een stuk of zeven herten gezien.
Terug op de camping was m’n moeder het pasje van de toiletten kwijt en moesten we een nieuwe voor £10,- kopen. Spaghetti met sla en vegetarische baconstukjes (heel raar) gegeten en voor het slapen gelezen in Hotel Babylon.
‘Na een lekker ranzige boer die rook naar chemisch fruit, stapte ik vrolijk verder.’
Het verbaasde me hoe vroeg de mensen hier op zijn. Om kwart over negen ligt de tent al plet en even later zijn ze weg. Eerlijk gezegd, denk ik dat wij gewoon lui zijn. Uitgebreid ontbijten met koffie en thee en dit en dat. Wij zijn pas om twaalf uur klaar.
Maar vandaag had ik mijn spullen al ingepakt toen mijn ouders de stoeltjes buiten zetten en we vertrokken om kwart over elf, mèt spullen, hooray! Onderweg een cadeautje gekocht en na twee uur rijden kwamen we aan op onze nieuwe camping Northernlight bij Badcaul. Het waaide hier best hard, maar het uitzicht was prachtig. Vanuit mijn tent keek ik over Little Loch Broom dat onder bergen ligt, die in dit gedeelte van Schotland een paar kilometer hoog kunnen zijn. De camping bestond uit een groot grasveld met twee picknicktafels (waarvan wij er een hadden toegeëigend) en een toiletblokje. Eigenlijk niet meer of minder dan we nodig hadden. De weg hiernaartoe was ook mooi, de hoogste bergen die we tot nu toe hadden gezien en veel watervallen. We zaten nu precies op de helft van onze reis. Over een week gaan we terug op de boot. Ik zou dit zeker niet gemist willen hebben, maarja… Home sweet home.
Vannacht zware windstoten en regen dat tegen de tent sloeg. Acht uur wakker, het was toen al bloedheet. Een kleine wandeling gemaakt bij een eeuwenoude waterval. Er hing op de brug een bordje met niet meer dan 6 personen, maar op een gegeven moment liepen er zo’n 12 mensen op de brug. Het was erg toeristisch en we waren maar snel doorgereden naar Ullapool, een havenstadje. Daar hadden we Fish & Chips gegeten en twee zeehonden gezien. Ze bedelden bij vissers, slimme beesten. Cadeautjes gekocht en ik had voor mezelf Keltische oorbellen gekocht. Terug bij de camping wilden m’n moeder en ik even naar de kust lopen, maar een stier
stond ons zo eng aan te staren dat we maar weer terug waren gegaan. Op de camping wemelde het van de midges (hele kleine vliegjes die steken). Ook hadden we nieuwe buren, maar die waren na een half uurtje al weer weg. Het waren zo verschrikkelijk veel midges dat we letterlijk weggevlucht zijn naar een ander plekje aan de kust. Het was eb en hele grote stenen lagen droog, waar we op zaten. We hoopten dat hier wat meer wind zou staan, maar helaas. Toen het begon te regenen besloten we maar terug te gaan naar de camping, waar ik meteen mijn tent in vluchtte. Ik wilde er niet meer uit, maar we moesten nog eten, ik moest naar de wc en ik wilde douchen…Na het eten had ik wel zeven minuten gedoucht (en dat voor 50p) en terug ik m’n tent voelde in me net zo’n massamoordenaar als Hitler. Op m’n blaadje zat het uitgesmeerde bloed en ingewanden van zo’n tachtig midges. Ik ontdekte de verschillende manieren om ze uitroeien: je kunt ze platslaan, laten stikken, kapot wrijven langs het tentdoek en dat met zeven tegelijk. Eigenlijk leek het meer op Der Untergang: ze bleven maar komen. Ik zal wel gewoon lief vragen of ze me vannacht met rust willen laten.
Ondanks ik vroeg sliep werd ik laat wakker. Ontbeten en langs het postkantoor geweest, dat ook meteen een winkeltje was. Het was net vijf minuten pauze middagpauze, maar het oude, kalende vrouwtje met jampotglazen in een veel te grote spijkerbroek wilde toch nog al mompelend even voor ons open doen. Wat boodschappen gedaan en ik wist zeker dat ze 10p te veel intikte toen ik wegliep. Daarna hadden we een wandeling gemaakt over een raar weggetje van zo’n 9 km dat uitkwam bij de restanten van een huisje. Het regende en alle spullen waren zeiknat geworden. We zijn in een hotel weer opgedroogd, waar we ook hadden gegeten. Vetter dan mijn gerecht kon niet: macaroni (wat eigenlijk penne was) in een pap van kaas, met daarbij patat. Dit was zo de minst geslaagde dag van allemaal.
Erger kon het niet worden: de hele nacht niet geslapen door de storm en regen, dat steeds erger leek te worden. Om acht uur zijn we alle spullen maar de auto in gaan zetten en gewoon weggereden. In Kinlochewe hadden we ontbeten in The Tea Room. Daar kreeg ik gingercookies (gemberkoekjes) tegen wagenziekte, en ze hielpen! We waren verder gereden naar Tomdoun, daar was het eindelijk droog. De bunkhouse was gesloten en werd nu bewoont door drie puppy’s. Ik vond het niet zo erg dat we hier niet bleven: het rook naar mottenballen, er kwam plotseling een hele enge, dunne, stinkende hond binnenlopen en de deurknoppen zaten op Hobbithoogte. Ook hangen er opgezette vissen aan de muur, zoals een bruine forel van 17 lbs (dat is volgens Word 7,71 kg) gevangen door R.C Malcom in Loch Garry, 1905. Beetje vreemd allemaal. Dus we moesten naar een andere slaapplek zoeken. De wegen waren hier singletrack roads: dat betekend één weg met passing places. Dus elke keer aan de kant als er iemand aan kwam.
Het werd de camping Red Squirrel bij Glencoe. Het was een best groot terrein, overal lagen stenen, hingen grappige bordjes en mag je op de meeste plekken kampvuurtjes maken. Onze buren waren een stel lachende Noord Engelse jongens van zo’n 25. Met een biertje stonden ze dan zo rond hun rokende kampvuurtje te lachen. De douches waren superklein met alleen een gordijntje (waar je doorheen kon kijken) ervoor. Het was mooi weer om te poien, alleen waren er wel weer die stomme midges. In heel Europa was het onbewolkt (kun je nagaan hoe warm het dan in bijvoorbeeld Spanje is) en alleen hier in Schotland was het pokkenweer. Ik was blij dat we naar het zuiden waren gegaan: het weer was hier beter en het is minder lang rijden naar Newcastle. Ik werd wakker door een man die aan de andere kant van de camping met een grasmaaier uit de oertijd bezig was. Wel heerlijk geslapen in vergelijking met gister. Bij het ontbijt hadden we een gast: een heel klein vogeltje kwam in de opening van de tent in het zonnetje liggen. Later waren het er twee en ik had m’n ouders beledigd met de whisky. Volgens hen snap ik er niets van.
Vandaag hadden we een wandeling gemaakt in the Glencoe Forest langs Lochan Gleann Chomhann. Dit meer was aangelegd door Donald Alexander Smith, die op zijn achttiende naar Canada vertrok. Hij werd daar gouverneur en in 1895 werd hij Lord Strathcona en keerde terug naar Schotland. Hij bouwde Glencoe, legde het meer aan en het bos eromheen. Dat allemaal voor zijn Indiaanse vrouw, om haar thuis te laten voelen. Helaas was dat niet zo. Het was een mooie omgeving en er zaten veel mensen op bruine forel te vissen. Er waren drie wandelingen die wij gecombineerd hadden. Daarna in Ballachulish boodschappen gedaan en in de pub gezeten. Over dit gebied vliegen ook vliegtuigen, maar gelukkig geen straaljagers.Wat mij opvalt in de UK is dat ze erg hun best doen om milieuvriendelijk te zijn. Op elk plastic tasje staat dat het reusable is en gerecycled. Op de camping hangen bijvoorbeeld bordjes met een schaap dat zegt: ‘How would you like to eat rubbish?’ Ook zijn veel producten niet op dieren getest.
Bovendien proberen ze mensen duidelijk te maken wat gezond eten is. Op elke verpakking staat voorop hoeveel calorieën, suikers, vet en zout erin zit en hoeveel procent van je dagelijkse hoeveelheid is. Maar ik ben bang dat het (nog) niet echt werkt: er lopen hier echt heel veel dikke mensen rond.
Na het eten gingen m’n ouders naar de pub en ik bleef in m’n tent. Muziek geluisterd en net zo lang getekend totdat ik niet meer kon zien wat ik deed.
‘Onze dikke buurman maakt ondanks zijn omvang gewoon ‘lekkere’ worstjes als ontbijt. Tsja, Engelsen…’
M’n ouders hadden de grootse verhalen over gisteravond in de pub. Er was een gitarist en iemand op de doedelzak en bij bekende liedjes begon iedereen te klappen en op tafels te slaan.
Ook kreeg ik te horen dat we hier nog twee nachten blijven, zodat we vrijdag weer naar de pub kunnen. Ik vond het allemaal best.
The Lost Valley: zo heette onze wandeling. Klimmen over stenen en door smalle bosjes lopen, best gaaf. Langs afgronden, watervallen en een grot. Dit was denk ik de leukste wandeling die we hadden gemaakt. We moesten een rivier oversteken en daarna weer klimmen. Toen we boven kwamen keken we uit over the Lost Valley: een prachtige vallei tussen de Three Sisters (Aonach Dubh, Gearr Aonach en Beinn Fhada). Het deed me aan Platvoet en zijn vriendjes denken. Mensen zaten uit te rusten, te lezen, iets te eten of te schrijven. Er waren oude mensen en zelfs een baby op de buik van een vrouw gebonden. Op de terugweg waren twee jongens in het ijskoude water van de watervallen aan het zwemmen. That’s the spirit.Voor de verandering gingen m’n ouders weer boodschappen doen en de pub in. Ik bleef weer op de camping en had lekker gedoucht. We vroegen aan de jongen in het hokje over de Harry Potter film site, dat we ergens zagen staan. Wat blijkt, Hagrids huisje was voor de derde Harry Potter film The Prizoner of Azkaban in 2003 op de berg vlakbij de camping gebouwd. Tijdens de opnames verbleef de hele crew op deze camping die ze hadden afgehuurd. Aan het einde van de camping stond hun restaurant, waar een grote leiding heen liep. De eigenaar van de camping wilde deze leiding niet weghalen en maakte er kraantjes op, waar wij nu ons water vandaan halen.
Na het eten even naar de berg gelopen en foto’s gemaakt van de Harry Potter filmsite, of wat we dachten dat het zou zijn. Ook was ik een avondje achttien in de pub. Morgen waarschijnlijk onze laatste wandeling, genaamd The Devil’s Staircase… Ben benieuwd.
‘De mensen bonkten zo vrolijk op tafels dat de wijnglazen in het rond vlogen.’
’s Avonds regende het en omdat ik een raampje van m’n tent niet goed had dichtgedaan, was weer een tas nat. En de midges terroriseerden Schotland weer. Ze zwermden voor de ingang van mijn tent. Het enige dat schijnt te helpen tegen die beesten is Skin So Soft: een olie dat is gemaakt voor droge huid, maar nu dus wordt verkocht als midgie repellent. Ook lopen mensen met netten over hun hoofd, maar dat zag ik niet zo zitten.Het was grappig om te zien hoeveel verschillende tenten er zijn en staan op een camping. Ik heb in deze twee weken nog niet één keer twee dezelfde tenten gezien. Sommige tenten zijn zo klein dat ik dacht dat er alleen spullen in zouden staan, maar dan sliepen er twee mensen in. Inmiddels hadden we veel nieuwe buren. Achter mij stond een tent bedrukt met allerlei soorten vissen. De meeste nieuwe mensen zijn Schotten, aan hun accent te horen.
Vanmiddag waren we naar Kinlochleven gereden en daar een klein wandelingetje gemaakt naar nóg een waterval. Daar was ook een oud pand omgebouwd tot een klimhal en The Ice Factor: een megagrote koelkast waar je voor £35,- kan ijsklimmen. Daarna in Glencoe in een tea room tangerine and peach tea gedronken en een chocolat fugde brownie (voor de helft) gegeten… Daar wordt je echt misselijk van.
’s Avonds had ik barstende hoofdpijn, terwijl m’n ouders de laatste avond in de pub vierden. Ik had m’n tweede boek uitgelezen en getekend. Morgen vroeg op, het wordt zo’n vijf uur rijden naar Newcastle. En ik moet morgenochtend nog gaan afwassen…
Half acht op en door de regen naar de wc aan de andere kant van de camping lopen. Ontbeten en brood klaargemaakt voor de rest van de dag. We hadden een nieuw record spullen inpakken, met name door de midges dat we snel weg wilden. We kwamen op tijd aan in Newcastle, dankzij de TomTom (die stem hoef ik voorlopig niet meer te horen). Op het schip aangekomen vluchtte ik weg voor de papegaai en zochten we onze hut. Deze was tot onze verrassing een stuk luxer met radio en zo. We pakten de kaart erbij en zagen dat we deze net helemaal van links naar rechts hadden overgestoken. Nog een biertje gedronken in de Navigatorsbar, waar alweer een man gitaar speelde. Deze man leek een beetje op meneer Wezel… eh, Wemel van Harry Potter. Dit keer had het schip maar een uurtje vertraging. Samen met m’n moeder een kopje thee gedronken en een croissantje gegeten voor €8,80. Echt ziek, die prijzen hier. Buiten gezeten en langzamerhand de spullen bij elkaar gezocht. Toen we eindelijk naar de auto mochten, konden we hem eerst niet vinden. Daarna zaten we in de auto nog drie kwartier te wachten. Nederland zag er heel vol en plat uit, na twee weken Schotland. En links rijden lijkt eigenlijk veel logischer. Maar om na twee weken weer een kus te krijgen, voelde toch wel erg goed.
‘En na twee weken Schotland, hadden wij de ark voor vijf dagen helemaal voor ons alleen.’
Gepost door Elaine op 16:33 1 reacties
7.14.2007
Buitenkunst 2007
7 t/m 14 juli ’07
Eigenlijk was het meer mompelen, gevolgd door een gil toen de dekens van mij af werden getrokken. We moesten opstaan, want we gingen naar Buitenkunst in Drenthe!
Een uur later dan geplant vertrokken we met twee volgepropte auto’s. Het was ruim twee uur rijden. Herinneringen borrelden op toen we op het terrein kwamen gereden en al snel zagen we Leo staan. Ik was voor het eerst naar Buitenkunst toen ik één jaar oud was. Leo kwam er toen al twintig jaar. Nog steeds staat hij er elk jaar, in zijn eentje, vier of vijf weken. Voor mij hoort hij er gewoon bij, net als de blauwwitte tenten waarin de workshops worden gegeven. Maargoed, nadat we een plekje hadden uitgezocht waar wij nog nooit hadden gestaan laadden we de spullen uit en gingen ons kamp opbouwen.
‘Waar zijn de haringen?’
‘Nee, die moet niet daar!’
‘Kijk uit voor de… scheerlijnen.’
Om weer te kalmeren waren we naar het prachtige groene meertje gelopen en hebben we daar een tijdje gezeten.
Terwijl iedereen simpele soep aan het eten waren, aten wij lekkere (vega)burgers met ei op brood. Om tien uur waren de mededelingen op het grote veld. Na het kampvuur vielen we al snel voor de eerste keer sinds ongeveer een jaar in slaap in onze tentjes.
Zondag hadden we ons bijna verslapen, maar kwamen nog op tijd voor de programma’s. David en ik hadden een conga bemachtigd en hebben de eerste dag percussie gedaan. Mijn enkels waren nu al opgezwollen van de muggenbulten. Ook had ik mijn eerste teek. We hadden lekker tortellini gegeten.
De volgende dag nadat we voor de vierendertigste keer over Daniëls scheerlijnen waren gestruikeld hadden we dé oplossing voor Bokito gevonden: gewoon scheerlijnen spannen. Bij ons helpt dat in ieder geval. David en ik hadden vandaag voor Beeldend gekozen. We gingen Golums maken van modder, bladeren en takken.
De eerste verhalen over de Golem stammen uit het vroege Jodendom. Zeer heilige mensen konden dicht bij God komen en verkregen de wijsheid en macht om leven te scheppen. Maar wat zij konden maken, was slechts een schaduw van de schepping van God. Zij konden een Golem maken uit modder, maar de persoon die zij konden maken kon bijvoorbeeld niet spreken. Een Golem is dus in feite een dommekracht, die bij verkeerd gebruik volledig uit de hand kan lopen.
We hebben ze niet tot leven kunnen wekken, misschien omdat we ze een beetje aan hadden gepast voor de toekomst. De één had hele lange benen, de ander zwemvliezen, weer een andere was digitaal en ga zo maar door. Bij de bespreking van ieders werk moesten we schreeuwen, omdat er ontzettend harde regen op de tent viel. Ook ging het koken een beetje mis (laat mij nooit meer rijst koken). Bij het kampvuur was het wel gezellig. Veel gezongen tot onze verbazing, maar dat zou ook aan de wijn kunnen liggen.
Dinsdag hadden we weer percussie gedaan. Dit keer met zang erbij (niet van ons hoor) en traden we ’s avonds op met een Joods lied. Daarna waren we naar het meertje gegaan en werd er vuurgespuugd. Ook kan ik poien! Heel gaaf.
Woensdag hebben we alleen een ochtend programma gedaan bij Sarah. We moesten daarbij driedimensionaal tekenen met tape tussen bomen. In de regen hebben we ’s middags met de frisbee gegooid en gepoid. ’s Avonds heerlijke andijviestamppot gegeten en even bij het kampvuur gezeten.
Op de vijfde dag gingen Loeke en ik theater doen. Het was vooral improvisatie met een bankje. Wat kan je allemaal op en met een bankje doen? Heel veel. Ook zijn we er achter gekomen dat er zeventien mensen op één bankje passen. Het middagprogramma werd een beetje saai. De begeleidster wist zelf ook eigenlijk niets meer om te doen, had ik het idee. ’s Avonds was er een ontzettend mooie voorstelling van de andere theaterworkshop van Eelco. Het heette Wormrot en de sfeer was duister, humoristisch en mystiek. David was bezig met een tweedaagse workshop Beeldend.
Het was alweer de laatste dag. Loeke en ik lekker buiten geschilderd. In de ochtend moesten we onze visie op tempo schilderen en in de middag slowmotion. Ook was Leo aan het schilderen. Inmiddels had ik mijn vijfde teek. Na de programma’s was de presentatie van de belevingsinstallatie. Erg leuk geworden! Van onze buren hebben we (niet) per ongeluk de stroop opgemaakt toen we pannenkoeken gingen eten. We hebben de laatste nacht gevierd op het strandje waar het al snel erg druk werd. Om een uur of twee gingen we maar slapen. Morgen zal er opgeruimd moeten worden…
…en het was een (…)zooi! Er moest meerdere keren afgewassen worden omdat we pasta gingen eten omdat al ons eten op was. Alle troep opruimen was nog best veel werk. We waren wel ruim op tijd klaar. Voordat wij weg waren stonden de mensen van de volgende week al klaar. Eindelijk thuis met z’n allen gegeten en verhalen gedeeld. En nu ga ik lekker in mijn eigen bed slapen. Het was een erg gezellige week, maar het is altijd wel leuk om weer thuis te zijn.
Gepost door Elaine op 22:38 1 reacties
6.21.2007
Simply Pilates
Pilates is een oefenmethode voor het hele lichaam. Met de nadruk op correcte ademhaling en de juiste balans tussen kracht en souplesse, gebruikt Pilates de buik, de onderrug en de bilspieren als centrum van kracht, waardoor de rest van het lichaam vrij kan bewegen.
Afgelopen woensdag ging ik voor de verandering eens sportief doen. Na de eerste vergadering van de leerlingenraad en een pizza dikker, gingen we naar het wellness instituut Kuin. In de kleedkamer hadden de kwebbelende gebruinde dames problemen met het opbergsysteem. Even waren we bang dat zij ook Pilates gingen doen, maar al snel renden zij rondjes in de grote gymzaal op een 'lekkere beat'. De wat meer hippie en vooral jongere types gingen bij ons staan, wachtend tot de groep voor ons (die doodstil op een matje lag) klaar was.
Voor dat ik het wist stond er een cd met het ruizen van de zee op en lag ik op een matje met m'n benen omhoog en een bal tussen mijn handen. Ik lag een beetje onhandig, want ik kon telkens niet zien wat de bedoeling was. Ik viel elke keer bijna om, ademde uit in plaats van in en andersom. Ik moet zeggen, zo beheerst bewegen en ademen is best moeilijk!
Dit was toch wel het tegenovergestelde van onze vorige les bij Kuin: Bodyshape. Met BodyShape train je je romp, benen en armen op het ritme van opzwepende muziek. Na een uitgebreide warming up, pak je al je spieren aan. We kregen toen les van Carlos: een bruine man met kroeshaar in een strak pakje met een microfoontje. Heel apart...
In ieder geval kregen we te horen van de vaste Pilates-gangers dat deze lerares een invalster was en de leraar die normaal les geeft wel meer helpt om je in balans te brengen. Een goede reden om het nog een keer te proberen lijkt mij.
Gepost door Elaine op 16:28 1 reacties
6.12.2007
Voor alle vrouwen (die begrijpen het tenminste)
Ze zien er lekker uit; het liefst zou je een likje willen nemen.
Eéntje maar! Een heel klein likje…
Maar als je eenmaal een likje hebt genomen, wil je hem helemaal
en daarna voel je dik, misselijk en ongezond.
Daarom moet je gewoon voor de broccolitaartjes gaan!
Ze zijn misschien iets minder aantrekkelijk, maar
een stuk gezonder! Als je ze goed klaarmaakt, zijn ze net zo
heerlijk als een dikmakende chocoladetaart. Misschien zelfs
wel lekkerder; je voelt je gezonder en blijer.
Geloof mij, ik wil niets anders meer,
nu ik deze lieve broccoli heb.
Gepost door Elaine op 21:29 2 reacties
4.22.2007
Elf Fantasy Fair 2007
Ookal was het zaterdag, we stonden allemaal vroeg op deze dag.
Er moesten voorbereidingen worden getroffen voor de rest van de dag: make-up, korsetten en nagellak. Want ook dit jaar gingen we naar de Elf Fantasy Fair!
We hadden gepland om 11 uur weg te zijn en terwijl onze chauffeur beneden zat te wachten, haastten wij ons in de kleren. Welke rok zal ik aan doen? Zal ik dat eronder doen? Is dit niet te poederig? Schiet nou op! Maar ik moet nog naar de wc! Zoals ik wel verwachtte zaten we uiteindelijk half 12 in de auto.
De reis duurde niet zo lang, maar was wel warm. Aangekomen op de Fair, genoot ik al van alle verklede mensen. Ik hou er van om naar mensen te kijken en op de Fantasy Fair kun je eigenlijk niet anders. Na een kwartier waren David en ik de rest kwijt en besloten we ons eigen rondje te gaan lopen. We kwamen langs allemaal kraampjes, dansende mensen, boogschietende mensen en maakten we veel foto's. Later hadden we de rest gevonden tussen alle Elven, piraten, Nimfen, jonkvrouwen, Goblins, zombies en heksen. We namen even een eet- en drinkpauze en werden bijna aangevallen door een leger Romeinen. Toen we weer gingen lopen waren we ze alweer kwijt (dit keer na 5 minuten). David en ik beseften ook op dit moment dat we precies 4 maanden officieel van elkaar houden. Dit vierden we een beetje door een fles Mede met z'n allen te kopen en gezellig in het gras rond te laten gaan. Ook heb ik van David een hele mooie ring gekregen, als aandenken van deze dag.
Na hem een hele tijd niet meer te hebben gezien, vonden we Davids vader bij het Coluseum, waar Gladiatoren aan het vechten waren. Net als in de tijd van Hannibal mocht het publiek kiezen voor 'Live or die'. Niet dat het veel uitmaakte wat het publiek zei, want ze gingen gewoon allemaal dood. Na nog een rondje over het terrein te hebben gelopen kwamen we Davids vader weer tegen. Ik had het inmiddels wel een beetje gehad. M'n voeten wilden niet meer op hakken lopen en mijn maag had honger. Na lang wachten op de rest spraken we bij de uitgang af. We liepen het laatste stukje langs het kasteel de Haar en kochten nog wat lekkers en een fles Mede voor thuis.
Ik moet zeggen, het was erg gezellige dag. Veel mooie foto's gemaakt, ik heb erg genoten van mijn gezelschap en ontzettend veel mooie mensen gezien. Eenmaal thuisgekomen was onze eerste gedachte dan ook: 'Wat zijn de mensen hier saai zeg!'
Voor foto's van de Elf Fantasy Fair 2007, kijk op: mijn Photobucket en op de site van René.
Gepost door Elaine op 20:02 1 reacties
4.16.2007
Ik mis je
Het voelt alsof je aan het zweten bent door je veel te dikke trui, die je alleen maar koud houdt, terwijl alles in je hoofd zich ophoopt tot één grote "wat als" vraag. Vervolgens kan je je niet bedwingen en probeer je alles te vergeten waardoor het er nog erger uitkomt... zoiets.
Gepost door Elaine op 22:00 0 reacties
4.04.2007
3.19.2007
Daar hang je dan
Met een formaat van 80 x 60
in alle HEMA's van héél Nederland...
...de vreselijke foto die er is gemaakt.
Gepost door Elaine op 19:55 2 reacties
3.14.2007
3.04.2007
Those missing words
Inmiddels een aantal seconden geleden stonden hier minstens vijfhonderd woorden klaar om als leesvoer voorgeschoteld te worden. Maar aangezien het feit dat ik een incorrecte combinatie van een aantal toetsen indrukte is... alles weg en moet ik gdvrdmm weer overnieuw beginnen. Maar ik heb nu wel een leuke inleiding: ik ben mijn woorden kwijt.
Toen ik dat stuk aan het schrijven was, vroeg ik me af waarom ik dat schreef. Ik had gewoon zin om te schrijven over helemaal niets. Dat is ook iets, vergeet dat niet. Uiteindelijk ging het over keuzes maken in het leven, terwijl het begon over dat mijn mond zich opende door een gaap. De overgang van een dagelijkse beweging van je gewrichten en spieren naar het filosofische denken van de hersenen lijkt misschien groot, maar is in werkelijkheid minuscuul (piepklein), denk ik. Ik begon dus in dat stuk over dat ik me helemaal te pletter verveelde en de afgelopen tweehonderdennegenkommazevenentwintig uur (een vakantie lang) eigenlijk niet veel bijzonders had gedaan, dan het beginnen in drie boeken in twee dagen. Eén voor school, één omdat ik het vorige boek niet leuk vond en één omdat ik niet door het eerste hoofdstuk van die is las omdat ik die voor school niet leuk vond kwam en daarna zin had in iets dat me kon wakker schudden. 'Phileine zegt sorry' is dan ook lekker grof. Ronald Giphart (de schrijver) weet haar gedachten zo leuk om papier te zetten dat ik weer moest schrijven. Ik wilde het ook proberen en hier zit ik dan, nog steeds geirriteerd omdat ik zojuist een preek kreeg. Onze kat pist graag alles onder en ik was vergeten de deuren weer te sluiten. Van alle kamers. Sorry. Het spijt me. Het zal nooit meer gebeuren, dat beloof ik, zeg ik terwijl ik hoop dat hij alles heeft ondergepist.
Om even terug te komen op mijn o-zo-goede-computer-kennis, dat als gevolg met zich meebrengt dat ik weer alles overnieuw moest gaan schrijven, vertelde ik dat mijn stukje eindigde met het maken van keuzes in het leven. Je kan er voor kiezen alles zo te laten als het nu is: je gaat zo eten (als een echte Nederlander om zes uur), daarna ontspannen wat tv kijken, eventueel een warme douche nemen, iets drinken en dan naar bed. De volgende morgen word je wakker precies om zeven uur (zoals de gemiddelde Nederlander doet) en kleed je aan. Je eet, poetst je tanden, pakt je tas in en gaat op weg naar je school of werk, enzovoort, enzovoort. Óf je doet het allemaal lekker niet (tenminste, je bedenkt dat je dat allemaal niet doet). Want waarom zou je dat doen? 'Anders krijg ik problemen,' hoor ik je al zeggen. Met wie? 'School, mijn ouders,' hoor ik je zeggen. Maar wie zijn dat? '...' Stilte, ja. Een eigenwijs iemand zou nog zeggen: 'Nou, de mensen die mij hebben gemaakt.' Dat weten we allemaal, slim hoor. Maar waarom zou het niet allemaal anders kunnen? Waarom zou je niet zelf bepalen waar je vandaan komt? Waarom zou je je verhaal niet schrijven, zoals ik dit nu schrijf? Schrijven is het loslaten van je gedachten, zonder verplichtingen. Ik wou dat dát de mogelijkheid was die zou kunnen kiezen. Dat je je eigen leven schrijft, dat alles om jou draait. De rest is bijzaak. In werkelijkheid gaat het ook zo. Je hebt nergens bewijs voor dat het echt zo is. Je vertrouwt er alleen maar op. Dus, alles draait om jou. Je krijgt alles en alles gaat zoals jij wilt. Wie wilt dat niet?
Ik zou het denk ik wel leuk vinden (geef maar toe, jij ook), alleen één ding: dan zou er geen liefde bestaan. Liefde is geven. En er is niets dat ik niet op zou willen geven voor de liefde, zelfs mijn eigen geschreven verhaal.
Zo klaar, meer dan dit stond er eerst niet. En meer krijg je ook niet van me. Zoek het zelf maar uit, ik ga verder met vervelen. Ja, dit is een slecht eind, ja. Maar dat andere eind ben ik vergeten. Dus dit nietszeggende einde is het einde.
- Love is the only thing that matters
Gepost door Elaine op 17:56 2 reacties
1.28.2007
Voorproefje 'Azaelia'
Hier een voorproefje van mijn verhaal over een meisje Azaelia. Ik ben nog láng niet klaar, maar ik ben benieuwd wat anderen er van vinden (O ja, op de plaats van de puntjes hoort nog een heel stuk, maar dat komt nog wel).
Azaelia zat bovenop de heuvel in het gras.
De wind streek zacht langs haar huid en deed haar rode haren opwaaien. Ze plukte een bloem uit het gras. Als ze om haar heen keek zag ze overal bloemen. Het was begin zomer. Ze schoof de bloem in d’r haar. Onderaan de heuvel lagen vele heidevelden. De zon ging al bijna onder en het rode licht scheen prachtig over de vlaktes. Achter haar lag de stad Enruys. Het bestond uit vele huizen, winkels en een klein fort. Aan de zijden van de stad lagen groentevelden en velden waar graan op werd verbouwd. De landbouw was het belangrijkste middel van bestaan voor de Mensen. Azaelia hield er niet van om te helpen op het land. Het was saai werk, het duurde lang en bovendien was het in deze tijd van het jaar bloedheet. Zodra ze elke dag klaar was met werken, zocht ze wat jongens op en oefenden ze het vechten met zwaarden of maakte wandelingen buiten de stad. Ze was niet zoals andere meisjes uit Enruys. De meeste van haar leeftijd hadden al kinderen en vulden hun dag met het voeden en het heen en weer wiegen van hun kind. Azaelia dacht daar nog niet aan. Later misschien. Hoewel haar moeder haar al meerdere keren probeerde uit te huwelijken, bleef Azaelia haar eigen weg volgen. Ze wilde eigenlijk maar één ding en dat was reizen. Vaak droomde ze over verre steden, vreemde wezens en nieuwe gewoontes. Ze was net als haar broer. Hij had er zijn beroep van gemaakt. Hij reisde tussen steden heen en weer om dingen op te halen en ergens anders af te geven voor belangrijke zaken. Meer wist Azaelia niet. Ze had hem inmiddels al een paar jaar niet meer gezien.
Ze keek naar de wolken die over haar heen dreven. Azaelia lag vaak op de heuvel. Toen ze klein was deed ze dat altijd met haar vader. Dan keken ze samen naar de wolken die zich tot allerlei figuren vormden en hij verzon er dan verhalen bij. Azaelia glimlachte. Toen leek alles nog zo avontuurlijk en nieuw. Nu was alles gewend en wist ze eigenlijk niet beter. Maar daar zou snel verandering in komen.
Ze besloot weer naar huis te gaan. Ze stond op en rende de heuvel af richting de poort van Enruys. Ze groette een wachter en liep het stenen pad op. In het midden op het grote dorpsplein stond een fontein. Azaelia gleed met haar hand door het heldere water. Winkeleigenaren haalden de borden naar binnen en de boer dreef zijn kippen bij elkaar. ‘Hé Azaelia,’ riep iemand. Ze keek om en zag een wat oudere jongen met donker haar in een staart naar haar zwaaien. ‘Kom je straks nog langs? Fosco en Moro zullen er ook zijn!’ ‘Je ziet me verschijnen, Till!’ riep ze terug. Ze lachte en liep verder naar haar huis. Ze klopte aan de houten deur. Haar moeder deed open. Het eten stond al op tafel. Toen ze aan tafel zat, begon haar vader over het werken op het land. ‘We krijgen veel te doen, nu het zomer is. Het zou fijn zijn als je vaker komt helpen, Azaelia,’ zei hij. Ze zuchtte. Het zal wel moeten. Toen ze klaar waren met eten, ruimde Azaelia af en zei: ‘Ik ga nog even langs Till.’ ‘Als je het maar niet te laat maakt,’ zei haar moeder. ‘Je moet morgenochtend vroeg op.’ ‘Ja ja,’ mompelde Azaelia en trok de deur achter haar dicht.
Ze klopte bij de smid aan. Een grote man met veel haar, leren handschoenen aan en een schort voor deed open. ‘Azaelia! Kom binnen, de jongens zijn er al.’ Hij hield de deur open. ‘Dank u, meneer Tucker,’ zei Azaelia en ze stapte naar binnen. Till en Fosco stonden tegenover elkaar met een uitgestoken zwaard in de grote smederij. Overal hingen zwaarden, schilden, hoefijzers en gereedschap. Till stapte opzij toen Fosco uithaalde en ging in de aanval. Fosco blokte al zijn slagen. Toen hij Azaelia zag zwaaide hij even en op dat moment haalde Till hem onderuit. ‘Zo gaat het nou altijd,’ gromde Fosco toen hij op de vloer lag. Moro moest lachen. ‘Je moet je niet zo laten afleiden,’ zei Till en hij hielp Fosco overeind. Azaelia klopte stof van Fosco’s shirt af en veegde zijn blonde haar uit zijn gezicht. ‘Nou, wie durft nog?’ vroeg Till zwaaiend met zijn zwaard in zijn hand. ‘Kom maar op!’ riep Moro en hij pakte een zwaard die op een hooibaal lag. ‘Zet hem op, Moro!’ zei Azaelia en ze ging naast Fosco tegen de muur zitten. Ze keek hem glimlachend aan. Hij wilde net zijn hand op die van haar leggen toen Moro begon te schreeuwen. ‘Je hoeft niet zo hard te slaan, Till!’ Hij stond met zijn voeten op de grond te stampen. ‘Ik doe helemaal niets!’ sputterde Till. Meneer Tucker riep vanuit een andere kamer: ‘Jongens, doen jullie voorzichtig met elkaar?’ Till zuchtte. ‘Wilt iemand anders het van Moro overnemen? Maar kijk uit, ik sla hard.’ Hij keek nadrukkelijk naar Moro. Azaelia stond op en pakte het zwaard uit Moro’s handen. Ze gebaarde met haar hand en zette haar uitdagende blik op. Till stroop zijn mouwen op en zette een stap naar voren. Azaelia pakte het zwaard met twee handen vast en tikte op de grond. Dan maakte ze een sprong naar voren en sloeg tegen Till’s voet. ‘Eén punt voor Azaelia!’ riep Moro. Azaelia tilde een wenkbrauw op en sloeg naar de schouder van Till. Ook deze raakte ze. Till probeerde uit te halen naar haar middel, maar ze blokte en prikte met de punt van het zwaard tegen zijn buik. ‘Ik zie dat je geoefend hebt,’ lachte Till en hij sloeg tegen haar zwaard. ‘Dat klopt,’ zei Azaelia en ze duwde zijn zwaard weg. Keer op keer probeerde ze Till te raken, maar nu weerde hij alles af. Uiteindelijk stonden ze hijgend tegenover elkaar. ‘Genoeg,’ zuchtte Azaelia. Till stuurde Moro wat drinken te halen. Hij kwam terug met vier bekers mede. ‘Proost!’ zei hij. ‘Op ons,’ zei Fosco. Ze namen alle vier een slok. Moro begon een beetje te hoesten. De rest lachte.
...
‘Jullie zullen het vanaf nu zonder mij moeten doen,’ zei Azaelia. ‘Wat bedoel je?’ vroeg Till en hij liet zijn zwaard zakken. Fosco en Moro keken op. Azaelia stak haar zwaard in de grond. ‘Ik ga met mijn broer mee op reis. Naar Larandième, de stad van de Elven,’ zei ze. De ogen van de jongens werden groot. ‘Dat is geweldig!’ zei Fosco lachend. Hij was de optimistische van de drie. ‘Hoe lang ben je dan weg?’ vroeg Moro. Hij was de jongste en had het erg op Azaelia gesteld. ‘Dat weet ik niet. Het kan een maand zijn of een jaar!’ Ze keek naar de grond. Till, Fosco en Moro waren de drie jongens waar ze riddertje en prinses mee speelde toen ze klein was. Moro was trouwens altijd de prinses. Van Fosco kreeg Azaelia haar eerste kus en Till heeft haar geleerd hoe ze moest zwaardvechten. Ze kende ze nu al zo lang en Azaelia kon zich eigenlijk geen wereld zonder hun indenken. Ze wist nu al dat ze hun vreselijk ging missen.
De rest van de avond was het tamelijk stil. Niemand had meer zin om te oefenen, dus zaten de drie jongens en Azaelia op de hooibalen een beetje voor zich uit te staren. Fosco verbrak de lange stilte. ‘Ik denk dat ik naar huis ga.’ Hij stond op en trok zijn shirt recht. ‘Ik loop wel met je mee,’ zei Azaelia en stond ook op. Till en Moro bleven zitten, dus zeiden Azaelia en Fosco gedag en liepen naar buiten. Azaelia trok de houten deur achter haar dicht en zuchtte. ‘Wat is er?’ vroeg Fosco. ‘Als ik hun gezichten zo zie, kan ik bijna niet weggaan. Ook al duurt het misschien nog een week totdat Grigory zijn levering krijgt, mis ik ze nu al. En jou ook.’ Azaelia liep het pad op richting het stadsplein. Fosco liep achter haar aan. Azaelia ging op de rand van de grote fontein zitten, dat midden op het verlaten plein stond. De sterren weerspiegelden en het licht van de maan zorgde voor een zilveren gloed over het water. Fosco ging naast haar zitten en pakte haar hand vast. ‘Ik ga jou ook heel erg missen, Azaelia,’ zei hij zacht. In de weerspiegeling van het water zag Azaelia hem dichter naar haar toe komen, maar ze wendde haar hoofd af. ‘Dat zou het alleen maar erger maken,’ fluisterde ze. Ze keek Fosco met een bezorgde blik aan. Hij liet haar handen los. ‘Ik denk dat je gelijk hebt. Laat me je naar huis brengen,’ antwoordde hij en ze liepen naar Azaelia’s huis.
Een week later werden Grigory’s goederen gebracht.
Dat betekende voor Azaelia dat haar avontuur ging beginnen. Ze zocht wat spullen bij elkaar en stopte deze in een grote tas. Haar moeder kwam haar kamer binnen met schone kleding. Ze legde deze op Azaelia’s bed en zuchtte. Azaelia wierp haar een geruststellende blik toe. Ze pakte haar spullen en zette deze bij de deur, toen haar vader haar riep. Azaelia liep naar buiten en haar ogen werden groot. Haar vader stond voor het huisje met een lichtbruine merrie aan de teugels. ‘Dit is Marigold,’ zei haar vader. ‘Ze zal je naar Larandième brengen.’ Azaelia gleed met haar vingers door de zachte manen. ‘Dank je wel, vader,’ zei ze en ze lachte. Ze droomde hier over, maar had nooit gedacht dat het ooit werkelijkheid zou worden. Grigory en haar moeder kwamen naar buiten. Grigory pakte Azaelia’s spullen en deed ze in de tassen op Marigold’s rug. ‘Het is zover,’ zuchtte moeder. Ze pakte Azaelia’s hoofd tussen twee handen. ‘Grigory zal op je letten, maar dit wordt jouw reis, jongedame. Ik hoop dat je voorzichtig bent en ik zal je vreselijk missen. Vergeet niet dat ik van je hou,’ en ze kuste Azaelia op haar voorhoofd. ‘Ik hou ook van jou, moeder,’ en met deze woorden stapte Azaelia op haar paard. Grigory stapte op zijn hengst samen met een hoop bagage. Ze liepen het pad op naar de poort. Toen Azaelia achterom keek, zwaaide haar moeder en vader haar uit. Ze zwaaide terug. Ze draaide zich weer om en zag Moro, Till en Fosco bij de poort staan. ‘Wacht even, Grigory,’ zei ze en ze stapte af. Ze liep naar de drie jongens toe. ‘Deze is voor jou,’ zei Moro en hij ging op zijn tenen staan om een bloemenkrans op Azaelia’s hoofd te leggen. Er liep een traan over zijn wang. Azaelia droogde zijn tranen. ‘Voor je het weet ben ik weer terug, Moro,’ en ze keek in zijn waterige ogen. Ze vroeg Till om op hem te letten, waarop hij zei: ‘Met heel mijn hart, Azaelia,’ en hij maakte een buiging. Van Till kreeg ze een ketting met een steen eraan en Fosco gaf haar zijn zwaard. ‘Maar Fosco,’ begon Azaelia maar hij legde een vinger op haar mond. ‘Ik wil dat je het bij je draagt, het zal vast van pas komen.’ ‘Bedankt, jongens,’ zei ze en stapte weer op Marigold. ‘Tot snel!’ De jongens zwaaiden en riepen gedag. Ik zal ze missen, dacht Azaelia. Zo reden Azaelia en Grigory de dag tegemoet.
Gepost door Elaine op 16:21 4 reacties

