10.22.2008

Lose you tonight


Het was donker en ik kon de weg nauwelijks zien.
Alleen de lichten van scheepswerven kleurden de lucht. Mijn adem vormde condens in de lucht. Ik begon te rennen. De duisternis in. Weg van geluiden.
"Stel je eens voor dat er nu iets achter je aan rent." Die gedachte zette ik meteen uit m'n hoofd. Als ik voor me keek, leek alles te verdwijnen in een zwarte plek. Mijn ademhaling werd onrustig. Het geluid van schoenen op het asfalt, was het enige dat ik nog hoorde.
Na een tijd voelde ik mijn benen niet meer en ik zag niets. Ik rende slechts in het donker.
Mijn ademhaling werd onregelmatig, maar ik had het niet meer koud. Ik zakte steeds meer door m'n knieën. Het leek alsof m'n botten het gewicht niet aankonden. Maar ik kon niet stoppen.

Uiteindelijk hebben we toch een paar stukjes gelopen. Het laatste stuk terug wel gesprint. Helemaal kapot kwamen we weer thuis. Toch wel lekker, 's avonds even hardlopen.

Het punt is, als ik had geschreven: "Ik heb gisteravond hardgelopen," zou het toch saai zijn? Of doe ik te veel moeite door zo'n verhaaltje op te schrijven?
Waarom lees je dit eigenlijk?
Waarom willen mensen verhalen lezen?
Vluchten ze uit de realiteit of doen ze het uit verveling?
Wilt de mens alles weten? Elke zin, woord en letter tot zich nemen?
Zijn mensen nieuwsgierig?
Ik ben nieuwsgierig. Maar uit nieuwsgierigheid schrijf ik, zodat jij leest.
En daardoor beland ik weer in een vicieuze cirkel van filosofische gedachten.
Want ik ben vooral een denker.

0 reacties: